Ricky gaat solo. Maar nu echt. Zonder muzikanten. Wel met een gitaar natuurlijk.
Ze heeft geen idee waarom maar ze is onrustig. Heeft last van een rommelige kaaklijn, van mensen die te zacht praten, te lang in en uit ademen met yoga, van kiwi’s uit Nieuw Zeeland, van haar zoon die puber is en die niet meer op haar zit te wachten en van haar ouders die juist steeds meer aandacht vragen.
Scherp observeert Ricky haar omgeving en zichzelf. Is de wereld gek geworden of zit ze gewoon zelf in een vreemde fase? Vrienden zeggen: ’je hebt een rare leeftijd, daar ligt het aan. Het is maar tijdelijk.’
Zelf had ze gehoopt dat ze op dit punt eindelijk het gevoel zou hebben dat ze iets had bereikt. Dat ze juichend rond zou lopen, bevrijd van de meningen van anderen. Ondertussen weet ze niet of ze nog wel kan flirten omdat ze niet weet of ze nou oud is of niet. Ze denkt van wel. Zingen kan ze nog wel. Gelukkig maar! Als een jonge merel zingt ze de mooiste liedjes. En daar heeft ze echt geen band bij nodig.
De speellijst vind je hier.

Regie: Titus Tiel Groenestege. Advies: Peter Heerschop.
Techniek: Sylvester Boers Foto: Caro Lenssen
Boekingen: Tricolourproductions